Mijn reactie op de Brusselse beleidsverklaring
Mijnheer de voorzitter, Mijnheer de minister-president, Leden van de regering, Beste
collega's,
Acht maanden geleden hebben zeven partijen de handen in elkaar geslagen, na meer dan zeshonderd dagen zonder regering. De Brusselaars hadden dringend nood aan een volwaardige regering met de juiste ambities. De juiste ambities, dat betekende voor cd&v de drugsproblematiek ernstig nemen, werk maken van een nette stad waar we opnieuw fier op kunnen zijn, Brusselse talenten benutten, tweetaligheid realiseren, een duurzame begroting gebaseerd op goed bestuur, en een overheid die in haar kerntaken investeert.
Deze prioriteiten hebben we met cd&v in het regeerakkoord gekregen. We hebben samen het daarbij gevoegde meerjarentraject vastgelegd. En in maart hebben we de begroting 2026 goedgekeurd. Dat regeerakkoord is ons kompas. Wij zijn loyaal aan wat we samen hebben afgesproken. En precies daarom zijn we alert op elke plek waar we daarvan dreigen af te wijken. Mijnheer de minister-president, we hebben u onze prioriteiten voor de start van het conclaaf in herinnering gebracht. Vandaag geven we u graag onze eerste evaluatie mee:
Onze inhoudelijke appreciatie van uw verklaring is positief.
U heeft gisteren de juiste boodschap gegeven. De trendbreuk ten aanzien van het beleid van de vorige regering is ingezet.
Maar we blijven voorzichtig omwille van de gebrekkige transparantie van de vandaag beschikbare gegevens. Daarom steunen we de richting, maar zullen we de beloften kritisch blijven toetsen aan de concrete begrotingskeuzes en -uitvoering.
Ik wil graag ingaan op vijf prioriteiten die u bekend in de oren zullen klinken: Eén: gezonde financiën, met respect voor het afgesproken traject en met de eerste inspanning bij het overheidsapparaat zelf. Twee: de middenklasse en de gezinnen in Brussel houden. Drie: de investeringen in de kerntaken van het Gewest vrijwaren. Vier: meer Brusselaars aan het werk. En vijf: de manier waarop we besparen. Want ook dat bepaalt of de Brusselaar nog op zijn overheid kan rekenen.
Prioriteit 1: gezonde financiën, het traject respecteren, eerst besparen op het overheidsapparaat
Eerst het begrotingstraject. Het is een goede zaak dat het in het regeerakkoord afgesproken traject opnieuw wordt bevestigd: een tekort in 2027 van 719 miljoen euro en een begroting in evenwicht in 2029. Voor cd&v is dat de basis. Een gewest dat elke dag anderhalf miljoen euro aan intresten betaalt, meer dan een half miljard euro per jaar, heeft geen andere keuze.
Ten tweede: cd&v heeft altijd gezegd: de eerste inspanning moet bij de Brusselse overheid zelf liggen. Bij de personeelskredieten, de ondersteunende diensten, de werkingskosten, de consultancy, het vastgoed en het kluwen van structuren. Niet bij de gezinnen, niet bij het middenveld. Het is een goede zaak dat deze logica wordt gevolgd.
De richting is dus de juiste. Maar er ontbreekt één cruciaal element. Bij het regeerakkoord hebben we de goede praktijk ingevoerd om te werken met een budgettaire meerjarentabel, waarin inkomsten, uitgaven en maatregelen naast elkaar staan. Vandaag ontbreekt een geactualiseerde meerjarentabel volledig. Het begrotingstraject geloof je niet op het woord van de minister van Begroting: je moet het kunnen narekenen. Volgens de pers lag er tijdens het conclaaf zelfs geen volwaardig geconsolideerd overzicht op tafel. Een regering die honderden miljoenen moet besparen maar zelf niet over één sluitend overzicht beschikt, bestuurt blind. Mijnheer de minister-president, is dat budgettair amateurisme of een bewuste strategie van de minister van Begroting om mist en onduidelijkheid te creëren? Of een combinatie van beide?
Hoe kunt u dan met vertrouwen zeggen dat het vooropgestelde traject zal worden gehaald?
De waarheid is dat het parlement dit vandaag onmogelijk kan beoordelen. En ik stel me de vraag of de regering dat wel kan.
Voor het conclaaf van dit weekend konden we lezen dat er een onverwacht gat in de begroting zat van 129 miljoen euro. Hier en daar kregen we informatie over hoe dit gat wordt gedicht. Bij de MIVB en Brussel mobiliteit worden uitgaven uitgesteld. Dat betekent een verschuiving van uitgaven, geen structurele besparing. Met de verkoop van de gebouwen aan de Hertogsstraat en de Regentlaan geeft u als minister-president het goede voorbeeld. Maar ook dat is een one shot operatie. Minister De Smedt zou 50 miljoen extra besparingen realiseren in de administratie. Maar op welke manier worden die gerealiseerd gelet op de reeds ambitieuze doelstellingen in het regeerakkoord?
In de pers verschenen al vragen over uitgestelde investeringen en eenmalige ontvangsten. Laat me daarover vandaag duidelijk zijn. Het regeerakkoord zegt het zwart op wit: het traject wordt toegespitst op structurele maatregelen. Een gebouw verkopen of een investering uitstellen kan, maar het is geen structurele besparing. Wie daarmee structurele uitgaven dekt, sluit zijn begroting voor één jaar en schuift het probleem door naar het volgende. Dat zou geen ernstig begrotingswerk zijn, maar een goocheltruc. Daaraan zullen we de tabellen en ontwerpbegroting toetsen.
Ik heb dan ook de volgende vragen:
Kunt u een detail geven van de 129 miljoen extra maatregelen? Welke daarvan zijn structureel? Welke zijn eenmalig, en welke zijn gewoon een verschuiving naar later?
Het meerjarentraject vraagt in 2027 op personeel 79 miljoen euro bijkomende besparingen bovenop wat in 2026 al werd gerealiseerd. U kondigt er 74 aan. Waar zit het verschil van ongeveer 5 miljoen, en hoe wordt het gecompenseerd? Kunt u aangeven hoeveel VTE daarvoor worden geschrapt via het moratorium.
We lazen dat de plafonnering van de barema's op 29 jaar na overleg met de vakbonden niet wordt weerhouden. Die maatregel moest in 2026 6 miljoen en in 2027 9 miljoen euro opleveren. Hoe wordt dat gecompenseerd? Voor cd&v gebeurt dat binnen de personeelskredieten, en niet met tijdelijke ingrepen elders in de begroting.
Dan de ontvangstenzijde. Het meerjarentraject rekent in 2027 op 15 miljoen euro bijkomende ontvangsten uit de tarieven van de MIVB. De tarieven zouden hervormd worden. In de realiteit zien we een beperkte verhoging van de individuele tickets en geen hervorming, ook niet van de jongeren- en seniorentarieven. Hoeveel brengt dit op en hoe wordt het tekort ten aanzien van de geplande 15 miljoen euro gecompenseerd. En wat betekent dat voor 2028 en 2029, wanneer de opbrengst volgens het meerjarentraject moest oplopen tot 20 miljoen euro?
Andere ontvangsten zijn dan weer onzeker. Denk aan de belasting op de spelen en weddenschappen, waar de problemen rond de concessie van het casino van Brussel de verwachte meeropbrengst bedreigen. Brussel zou er goed aan doen de gecoördineerde hervorming te steunen die de andere gewesten voorstellen, met een geharmoniseerd tarief voor online gokken van 15 procent in plaats van de 11 procent die we vandaag toepassen.
Er wordt gegoocheld met cijfers. Een belangrijke afspraak in het regeerakkoord was transparantie van de begroting en respect voor de regel van deugdelijk budgettair beheer. Onder meer zou het Brussels monitoringcomité effectief worden opgericht en een verslag afleveren. Kunnen we daarvan kopie krijgen?
Onze vraag is dan ook eenvoudig: kunt u een geactualiseerde meerjarenplanning tot en met 2029 meegeven die zowel inkomsten als uitgaven realistisch inschat en die voor elke maatregel aangeeft of ze structureel of eenmalig is?
Vervolgens prioriteit 2: de middenklasse en de gezinnen in Brussel houden
De gezinnen en de middenklasse hebben de voorbije jaren al een flinke bijdrage geleverd. Voor cd&v is het een rode draad: wie in Brussel werkt, zorgt en verantwoordelijkheid neemt, moet daarin gesteund worden.
Daarom zijn we blij met een aantal duidelijke engagementen.
De kinderbijslag blijft op het huidige niveau. Dat is een recht van het kind, en voor cd&v altijd een rode lijn geweest: aan het basisbedrag en de indexering van de kinderbijslag wordt niet geraakt. In moeilijke tijden is het wezenlijk om dat op peil te houden. Elk kind, ongeacht rang of stand, verdient een goede startpositie in het leven.
Er komen geen nieuwe besparingen op de dienstencheques. Dat is goed nieuws, collega's, want 2026 was al een duur jaar voor de Brusselaars. Wij rekenden uit dat de combinatie van de hogere prijs en de afgeschafte fiscale aftrek een gemiddeld Brussels huishouden op kruissnelheid 459 euro per jaar kost. Daar nog extra bovenop vragen, was voor ons uit den boze.
De verdubbeling van de Be Home-premie gaat door in 2027. Dat is een goede maatregel, want ze richt zich precies op de Brusselaars die hier een eerste en enige woning bezitten en er zelf in wonen. Ze is dus erg gericht.
Ook de renovatieleningen aan nultarief zijn een prima zaak. Ze bieden eindelijk opnieuw perspectief aan wie duurzaam wil renoveren, en zijn hopelijk het instrument waarmee we het Renolution-debacle achter ons kunnen laten. Rationeel groen beleid, in plaats van de niet gefinancierde sinterklaaspolitiek van de heer Maron in de vorige legislatuur.
Toch wil ik twee punten aankaarten die wel degelijk een impact hebben op de gezinnen en de middenklasse.
Het eerste is de hervorming van de vermindering van de onroerende voorheffing voor kinderen ten laste, van een proportioneel naar een forfaitair systeem. Dat is wel degelijk een besparing die in 2027 bij de gezinnen terechtkomt. Het is een belastingsverhoging voor gezinnen met kinderen in een ruimere woning. Het is geen geheim dat cd&v een zeer koele minnaar is van die maatregel. Ze was voor ons enkel verteerbaar op één voorwaarde: dat de opbrengst bij het gezinsbeleid blijft en wordt ingezet voor de financiering van de kinderbijslag. Kan de regering bevestigen dat dit ook zo in de begroting 2027 wordt ingeschreven?
Het tweede is de verkeersbelasting. Ook daar is het nieuws minder rooskleurig dan het wordt voorgesteld. Neem de elektrische wagens. De verkeersbelasting mag voor hen dan wel verdwijnen, in de plaats komt een wegenvignet. Voor hen is dat ook een belastingverschuiving, eerder dan een vrijstelling van belastingen. Cd&v steunt een verlaging van de Brusselse autofiscaliteit, omdat die de gezinnen ten goede komt. Maar dan moet ze tegelijk gebeuren met de effectieve invoering van het vignet, en moet het systeem juridisch sluitend zijn, zeker vanuit Europeesrechtelijk oogpunt. Dat zijn we de Brusselaars verschuldigd. Wat is de timing, en hoe zeker is de opbrengst die in het traject is ingeschreven, in het bijzonder in het licht van het Europees recht?
Vervolgens Prioriteit 3: de investeringen in de kerntaken vrijwaren
Besparen is nodig, maar niet op wat de Brusselaar elke dag voelt: veiligheid, netheid, de strijd tegen drugs en dakloosheid, en de infrastructuur waarop deze stad draait. Voor cd&v zijn dat de kerntaken van het Gewest. De enveloppes die het conclaaf daarvoor heeft vastgelegd, moeten overeind blijven. En we stellen vast dat ze dat ook doen.
In en rond de stations komt er in 2027 5 miljoen euro voor veiligheid, netheid en de kwaliteit van de openbare ruimte. Dat is op koers zoals afgesproken, op weg naar de 10 miljoen euro uit het regeerakkoord. Het volgende Globaal Veiligheids- en Preventieplan 2027-2030 moet voor ons meer focussen op de kerntaken, met bijzondere aandacht voor drugspreventie.
U kondigde aan dat Brussel eerstdaags een eigen gewestelijke drugscommissaris krijgt. Dat was een uitdrukkelijke vraag van cd&v, en we zijn blij dat u woord hebt gehouden. Belangrijk is dat deze nieuwe functie voldoende draagvlak en operationele middelen krijgt. Dat betekent ook een eigen budget in de begroting 2027. Een drugscommissaris is maar zo sterk als de ketenaanpak achter hem: preventie, veiligheid, behandeling en de aanpak van de sociale oorzaken. Voor 2027 moet werk worden gemaakt van de implementatie van het geïntegreerde drugsplan uit het regeerakkoord.
Over dakloosheid zei u: "Aucun enfant ne doit dormir dans la rue à Bruxelles." Geen enkel kind mag in Brussel op straat slapen. Die ambitie delen we volledig. Maar ik hoop dat we nog ambitieuzer zijn: op termijn zou niemand in deze stad op straat moeten slapen. We wachten ongeduldig op het plan dat minister De Smedt tegen 21 juli had aangekondigd.
Netheid is even essentieel. Tegen het einde van de legislatuur komen er honderdtwintig ondergrondse containers. Er komen gewestelijke netheidsbrigades, samen met de gemeenten en de politiezones, en een snelle interventie-eenheid. Onburgerlijk gedrag zal beter worden vastgesteld en strenger worden bestraft. Uitstekend. Mijn vraag: hoe wordt die strengere handhaving concreet georganiseerd: via hogere boetes, meer controles en/of een hogere inningsgraad? Want wie sluikstort, moet voelen dat het hem iets kost.
Dan de kerninfrastructuur. Tegen november wordt een meerjarig investeringsplan voor de bruggen, tunnels en viaducten ingediend. Daar zijn we al lang vragende partij voor, zeker nadat we dit jaar erop gewezen hebben dat heel wat van onze bruggen in zorgwekkende staat zijn. Het is goed dat er eindelijk een nieuw plan komt, met de renovatie van de Baljuw- en de Vleurgattunnel. Maar ik heb ook enkele concrete vragen.
Komt de renovatie van de Belliardtunnel er?
Hoe zit het met de bruggen en viaducten? Welke zitten in het plan, en volgens welke prioriteiten?
Het meerjarentraject voorziet 40 miljoen euro voor de heraanleg van de gewestwegen en de openbare ruimte, en 50 miljoen euro voor bruggen, viaducten en tunnels. Blijven beide investeringsbudgetten in 2027 behouden en kan een tipje van de sluier opgelicht worden over welke projecten gerealiseerd worden?
Ik stel die laatste vraag niet toevallig. In budgettair moeilijke tijden durft men nogal eens gebruik te maken van onderbenuttingen, of stelt men investeringen uit. Een investering die je uitstelt, is geen besparing: ze komt later terug, en vaak duurder.
Tot slot de tweetaligheid. Ook dat is een essentiële troef, voor werk en voor de kwaliteit van onze openbare diensten. Vanaf 2027 gaat er jaarlijks 2 miljoen euro naar een Masterplan Tweetaligheid, om het gebruik van het Frans en het Nederlands te versterken in onze administraties, onze lokale besturen en onze ziekenhuizen. Dat was een prioriteit van cd&v en we zijn blij dat het er komt. Het is belangrijk dat dit planmatig wordt aangepakt en dat die 2 miljoen euro naar nieuw beleid gaat.
Prioriteit 4: meer Brusselaars aan het werk
De regering legt zich een duidelijk doel op: een werkzaamheidsgraad van 70 procent tegen 2030, of 50.000 Brusselaars extra aan het werk. Dat waren ook de ambities die cd&v aan de onderhandelingstafel verdedigde. Ze zijn niet alleen sociaal belangrijk. Ze zijn ook cruciaal voor gezonde en duurzame financiën, maar ook voor het evenwicht van het Gewest op sociaal en persoonlijk vlak.
Helaas zit de wind niet mee: vandaag nog kwam uit dat we voor het eerst sinds 10 jaar meer dan 100.000 werklozen hebben in Brussel. Het is dus alle hens aan dek dit jaar om inzake groeibeleid en jobcreatie van woorden naar daden te gaan.
Dat Actiris zich opnieuw toespitst op zijn kerntaak, juichen we toe. Zeven op de tien medewerkers op het terrein, bij de werkzoekenden, en iedereen die zich inschrijft wordt binnen de vijftien dagen ontvangen. Dat is precies wat we moeten doen.
Een derde positief punt. In de eerste helft van 2027 zal een overeenkomst tussen Actiris en het RIZIV toelaten om arbeidsongeschikte mensen sneller naar werk te begeleiden. Dat is goed nieuws, zeker in het licht van de federale hervormingen. Maar wat is de ambitie van Brussel? Hoeveel terug-naar-werktrajecten willen we per jaar realiseren?
Maar dan de financiële aspecten van het arbeidsmarktbeleid:
Het meerjarentraject rekent vanaf 2027 op 40 miljoen euro terugverdieneffecten van een groei- en jobstrategie, oplopend tot 80 miljoen in 2029. Kunt u preciseren op welke terugverdieneffecten de regering concreet rekent in 2027, en hoe ver we daarmee staan?
Het begrotingsconclaaf legde voor het werkgelegenheidsbeleid een inspanning vast van 40 miljoen euro in 2026 en 55 miljoen in 2027, om tegen 2029 geleidelijk 75 miljoen te bereiken. In 2027 wordt dus 15 miljoen euro extra bespaard. Waar zoekt u de inspanningen exact?
Voor ons kan er niet bespaard worden op goed functionerende partnerschappen met actoren van het middenveld. Zij slagen erin om echt rond tewerkstelling te werken, dat mensen die ver van de arbeidsmarkt staan begeleidt en hen een traject op maat aanbiedt. Na de besparingen van dit jaar is voor ons de grens van wat haalbaar toch heel dichtbij.
Over de GECO’s - les ACS - hebben we niets gehoord. Zowat 270 miljoen euro tewerkstellingssteun, waarvan de effectiviteit als tewerkstellingsinstrument al jaren in vraag wordt gesteld, blijft dus onaangeroerd? Ik begrijp dat niet.
Begrijp me goed. Ik deel de mening dat veel van die middelen vandaag een ander nobel doel dienen: ze ondersteunen ons middenveld en onze verenigingen. Een sanering moet dus zeer bedachtzaam gebeuren, gefaseerd en draagbaar voor de sectoren. Maar de hervorming die nodig is, namelijk die middelen eindelijk echt structureel verankeren voor het middenveld, daar zie ik geen begin van.
Prioriteit 5: hoe we besparen: goed bestuur en respect voor de Brusselaars
Mijn laatste prioriteit gaat niet over hoeveel we besparen, maar over hoe.
Eerst het middenveld. Het meerjarentraject voorzag na de besparingen van 2025 en 2026 geen verdere besparingen op de facultatieve subsidies. Blijft dat engagement gewaarborgd? Voor cd&v is het duidelijk: de besparingen mogen niet worden doorgeschoven naar de organisaties van het middenveld of naar private partners.
En dan iets wat voor cd&v minstens even zwaar weegt: goed bestuur en een betrouwbare overheid.
Elk jaar leggen de verpleegkundigen en vroedvrouwen van Wheel of Care in Brussel zo'n tienduizend huisbezoeken af, onder meer bij jonge moeders in het opvangcentrum Klein Kasteeltje. Hun subsidiejaar begon op 1 juni. Op 22 september moest de bevoegde minister in dit parlement toegeven dat er voor 2026 nog geen subsidie was goedgekeurd. Vier maanden zorg verlenen, zonder te weten of de overheid daarvoor zal betalen.
Wheel of Care is geen uitzondering. Een veertigtal verenigingen die daklozen, mensen met een verslaving en slachtoffers van geweld bijstaan, wachtten tot augustus op uitsluitsel over hun middelen voor dit jaar. Op 1 april hoorden werkgevers van Actiris dat 147 gesco-banen werden opgezegd, 77 daarvan bij vzw's. Op 27 april volgde een brief: alles werd teruggedraaid. En wie zijn woning renoveerde en op een Renolution-premie rekende, zag het budget in mei 2025 opgebruikt. Bijna 2.000 dossiers, samen goed voor zo'n 29 miljoen euro, bleven liggen.
Wie zo bestuurd wordt, kan niet plannen, niet aanwerven en niet investeren. Dit zijn geen losse incidenten, het is een patroon. En de regering erkent dat zelf. U zei het in juli, mijnheer de minister-president: "Zeker voor de subsidies uit 2025 hadden we een betere oplossing moeten vinden." Dat siert u. Maar het betekent ook dat Brussel niet alleen een begrotingsprobleem heeft. Het heeft ook een betrouwbaarheidsprobleem.
Niemand vraagt dat Brussel niet bespaart. Maar besparen en betrouwbaar besturen sluiten elkaar niet uit. Een tijdige en gemotiveerde "nee" op een subsidieaanvraag is beter dan maandenlang stilte. Veel van dat werk, van thuiszorg tot daklozenopvang, draait op subsidies die in het begrotingsjargon "facultatief" heten. Voor wie erop rekent, zijn ze dat allesbehalve.
Wie afhankelijk is van een beslissing van de overheid, moet weten waar hij aan toe is. Dat geldt voor een vroedvrouw, voor een daklozenopvang, voor een gezin dat zijn woning renoveert, maar evengoed voor een ondernemer die wil investeren in Brussel.
Wat er moet gebeuren, is niet ingewikkeld. Beslis over terugkerende subsidies vóór het werkjaar begint, en betaal binnen vaste termijnen. Geef structureel werk een meerjarige overeenkomst in plaats van een jaarlijkse gok. Motiveer elke beslissing, ook een negatieve. En geef burgers spelregels die niet halverwege de match veranderen, met overgangsperiodes en een loket dat de telefoon opneemt.
De begroting 2027 wordt nu opgemaakt. Laat 2027 het jaar zijn waarin een vereniging bij de start van haar werkjaar weet waar ze aan toe is, en waarin een premie of een regel morgen nog hetzelfde betekent als vandaag.
Slot
Mijnheer de minister-president, collega's,
Ons oordeel is dus helder. We zien de rode draad, herkennen onze krijtlijnen: het begrotingstraject, de hervorming van het overheidsapparaat, veiligheid en netheid, essentiële infrastructuur, de drugscommissaris, het Masterplan Tweetaligheid en de focus van Actiris op zijn kerntaken.
Maar op meerdere punten blijft de verklaring onvolledig – of anders gezegd: een kans om het nog beter te duiden en te doen. Onze steun voor de koers gaat daarom samen met duidelijke begrotingsvoorwaarden en parlementaire controle.
Ik vat nog eens samen. Cd&v vraagt vijf dingen. Het traject naar een begroting in evenwicht in 2029 integraal respecteren, met structurele maatregelen en niet met eenmalige ontvangsten of uitgestelde investeringen. De gezinnen en de middenklasse beschermen. De kerntaken en de noodzakelijke investeringen vrijwaren. Meer Brusselaars aan het werk helpen, met hervormingen die die naam waardig zijn. En besparen op een manier die de Brusselaars en hun verenigingen opnieuw vertrouwen geeft in hun overheid. Elke afwijking van wat we in het conclaaf hebben afgesproken, moet binnen die logica passen en binnen hetzelfde traject worden gecompenseerd.
U sloot uw verklaring af met een zin die in het Frans en in het Nederlands net iets anders klonk. In het Frans: "Vous nous aviez demandé de vous rendre des comptes. Nous le ferons, jour après jour." In het Nederlands: "U hebt me gevraagd om de rekeningen op orde te zetten en Brussel te besturen." Wel, mijnheer de minister-president, wij vragen allebei. De rekeningen op orde, én rekenschap, dag na dag. Dat is geen wantrouwen. Dat is de rol van een parlement, ook van een meerderheid.
Monsieur le Ministre-Président, vous pouvez compter sur le cd&v pour vous aider à garder le cap, non pas du simple consensus mou mais des choix forts.
Nous resterons vos alliés pour une Région sûre, propre et prospère, où chaque personne qui travaille, qui prend soin des autres et qui assume ses responsabilités est soutenue. Mais nous resterons aussi exigeants. Parce que les Bruxellois doivent pouvoir compter sur leur Région, sur son gouvernement, sur des services efficaces et sur la promesse que cela ira mieux demain – « morgen beter », comme on dit au cd&V.
Of, om in het Nederlands af te sluiten: wij steunen deze regering zolang ze Brussel veiliger, properder en welvarender maakt en mensen die werken, zorgen en verantwoordelijkheid opnemen opnieuw centraal zet.
Ik dank u.




Opmerkingen